werkcafe

Celine Curiel, initiatiefnemer en directeur Werkcafé

Door Babette

Celine Curiel is initiatiefnemer van het Werkcafé en werkzaam als directeur bij Stichting Werkcafé. Een gesprek over haar drijfveren en ambities.

“Werkcafé wil mensen helpen de periode in een uitkering of zonder werk, zo goed mogelijk door te komen. Als je thuis zit of gedwongen wordt om iets te doen wat je verschrikkelijk vindt, kan je het idee krijgen dat je alleen bent en dat je er nooit meer uitkomt. Mensen laten merken dat ze niet de enigen zijn die in zo’n situatie zitten, mensen een hart onder de riem steken, laten voelen dat ze zich niet hoeven te schamen -want het kan echt iedereen overkomen-, mensen inspireren, dat is onze belangrijkste doelstelling.”

“Werkcafé gaat over leven met een uitkering, over werk zoeken en vinden maar ook over leuke dingen doen met weinig geld: tips over gratis uitjes, lekker en goedkoop eten, gratis concerten e.d. Daarnaast organiseren we een keer per maand in Rotterdam en binnenkort ook in Den Haag en Utrecht Live Werkcafé’s: informatieve en interactieve netwerkbijeenkomsten.

Ik vind het belangrijk dat mensen bij ons kunnen komen – niet bij het UWV, niet bij de gemeente, niet bij welke instantie dan ook die ze mogelijk controleert – en vrij kunnen vragen wat ze willen, kunnen aangeven dat ze iets niet weten en daar niet op worden afgerekend. Mensen merken dat ze gerespecteerd worden en als gelijke behandeld. Ze voelen zich veilig bij ons. Het beleid gericht op werkzoekenden is niet zo vriendelijk op dit moment. Het is vooral gestoeld op wantrouwen jegens mensen in een uitkering. De toon is heel erg: ‘je moet maar alles accepteren’. Werkcafé biedt een vrijplaats waar je in anonimiteit jouw verhaal kan vertellen en elke vraag mag stellen. Ik denk dat het belangrijk is om zo een plek te bieden.”

Waarom doe jij dit? Waarom maak jij je zo druk om mensen zonder werk?

“Dat is begonnen in 1995. Na jaren in loondienst ben ik in 1992 voor mezelf begonnen als interim manager. In 1995 werd ik gevraagd om een onderzoek te doen naar voortijdig schoolverlaters in Amsterdam West. Wat ik daar aantrof. Echt verschrikkelijk. Het uitgangspunt was bij voorbaat dat het wel aan die klootzakken van Marokkaanse, Turkse, Ethiopisch, Armeense en weet ik wat voor kinderen zou liggen, dat ze niet meer terug naar school wilden. Na uitgebreid onderzoek was mijn conclusie: ‘als ik zo behandeld zou worden zou ik ook niet meer terug gaan naar school’.

Voorbeeldje, een blanke docent, man, boven de 50, die alle jongens in de klas met Ali aanspreekt omdat hij de namen van al die kinderen te ingewikkeld vond. Respectloos. Hoe dan ook, mijn conclusies waren niet in overeenstemming met wat mijn opdrachtgever wenste. Ik heb een uitgebreid rapport geschreven en heb heel lang gedacht dat ik daar mee verder kon, maar die opdrachtgever wilde dat helemaal niet. Die vond mij veel te lastig, veel te dwars. Toen had ik in een keer geen werk meer en kwam in de bijstand terecht. Ik zat 3 maanden thuis, door mijn bank heen te zakken en dacht waarom is er nu niet iets op TV waar ik wat aan heb? Een programma dat me helpt om hier weer uit te komen …?

Netwerker

Ik ben een goede netwerker, toen ik mezelf weer een beetje bij elkaar had geraapt, heb ik dat netwerk gebruikt en had binnen de kortste keren weer werk. Maar dat televisie idee, dat bleef in mijn hoofd hangen. Ik heb daar zo’n 5 jaar over lopen pruttelen totdat iemand zei, ‘nu moet je er of iets mee gaan doen of over ophouden’. Ik had geen idee, ik kende die tv-wereld helemaal niet.

Via-via kreeg ik het advies om het idee voor te leggen aan Ivo Niehe Producties. Die wilde het wel produceren, als ik zelf de financiering kon regelen. Ik ben gaan praten met medewerkers van het ministerie van Sociale Zaken. Het eerste wat ik in dat gesprek zei, was: ‘5 jaar geleden zat in zelf in de bijstand, ik zat op de bank en toen heb ik dit bedacht’. Ik heb die subsidie gekregen! Ze zeiden: ‘je krijgt dit omdat je begon met te vertellen dat je in de bijstand hebt gezeten. Dat hebben wij ook alle twee maar wij durfden dat nooit tegen iemand te zeggen.’
Die schaamte, dat kom je vaak tegen.

Switch

We hebben met de subsidie de serie ‘Switch’ gemaakt, een 8-delig studioprogramma met allemaal filmpjes erin, over werk vinden vanuit een uitkeringssituatie. Het was heel leuk om te doen. Ik vond het echt een avontuur. Voor mij was het iets wat ik er naast deed, ondertussen werkte ik als interim manager o.a. als directeur bij gemeentelijke sociale diensten. Toen het internet steeds belangrijker werd ontstond vanzelf het idee om het televisieprogramma te vertalen naar een internetconcept. Ook daarvoor hebben we toen subsidie gekregen van het Ministerie voor Sociale Zaken.

We zijn in 2002 begonnen met een website en 20 korte tv documentaires voor, door en over WAO’ers. Die groep werd net geconfronteerd een grote herkeuringsoperatie, velen van hen moesten weer aan het werk na jarenlang thuis te hebben gezeten. Er was een enorme behoefte aan informatie en onderling contact. Die website was een groot succes met een heel levendig forum. Na een paar jaar konden we het helaas financieel niet meer overeind houden, maar ik bleef nadenken over een manier om werkzoekenden te helpen en iets te doen aan de beeldvorming rondom werklozen. Zo is het Werkcafé ontstaan, inmiddels in Rotterdam, Den Haag en Utrecht.

Je hebt zelf in de bijstand gezeten, maar ook aan de andere kant van de tafel als manager bij de sociale dienst. Vertelde je dat als je begon aan zo’n interim klus bij een sociale dienst?

“Ja, meestal begon ik daar mee: ‘ik heb zelf in de bijstand gezeten, dus ik weet waar ik het over heb. Ik heb daar veel van geleerd, hoe het wel en hoe het niet moet.’ Medewerkers bij de gemeenten kunnen zo vast zitten in het werkstramien dat ze soms vergeten te luisteren naar de cliënten. Mensen willen gezien en gehoord worden. Daar gaat het wel eens mis en dat kan tot extreme situaties leiden.

Zo heb ik een keer meegemaakt dat een man in de lobby van de Sociale dienst met een mes stond te zwaaien. Ik ben naar die man toegelopen en zei: ‘als je nou dat mes even neerlegt dan kunnen we koffie gaan drinken en kan je mij vertellen wat er aan de hand is’. Toen kalmeerde hij eigenlijk meteen. Die man was echt wanhopig. Hij had al vier maanden, ten onrechte bleek later, geen geld gehad. Zijn vrouw had net een kleintje gekregen maar ze hadden helemaal niets meer. In paniek is hij toen met een mes in de hand naar de sociale dienst gegaan om verhaal te halen. Natuurlijk had hij dat mes beter thuis kunnen laten … maar die man was al meer dan 10 keer langs geweest en had eindeloos gebeld. Telkens was hij afgewezen en had geen antwoord gekregen.

In gesprek gaan

Zo doe je dat dus niet! Als mensen een probleem hebben dan luister je naar ze en je zegt: ‘ik ga het uitzoeken’. Zo een wanhoopsdaad komt niet uit het niets, daar zit een verhaal achter. Ga met mensen in gesprek, dan kan veel agressie voorkomen worden. Dat maakt het werk ook meteen een stuk leuker!

Mijn uitgangspunt is altijd geweest: iedereen kan iets. Iedereen vindt iets leuk. Als je gesprekken voert met mensen die al een tijd thuis zitten, die helemaal niet meer weten wat ze willen of kunnen en na een paar gesprekken krijg je dat er toch uit, ontdekken ze iets waar ze blij van worden. Dat is geweldig! Het is misschien niet altijd wat ze hiervoor hebben gedaan, en het is misschien ook niet precies wat ze hierna zouden kunnen doen, maar je kunt dan wel in die richting gaan werken met mensen.”

Wat mensen voelen op dit moment is: ‘ik kan wel van alles willen, maar er is gewoon geen werk’. Dat is de stemming die heerst onder werkzoekenden; het is crisis.

“Dat klopt, maar daar moeten ze vanaf, dat idee moeten mensen loslaten. Er is misschien niet voor iedereen werk, maar dat wil niet zeggen dat er voor jou geen werk is! Als jij gemotiveerd bent, en jij weet wat je leuk vindt, straal jij enthousiasme en energie uit. Dan is er misschien voor jou wel werk. We moeten alleen de goede match zien te vinden.….

IMG_3847Op het laatste Werkcafé Live in Rotterdam zijn al weer drie mensen gevraagd om te komen solliciteren. Alleen door het enthousiasme waarmee ze daar rondliepen. De vraag is hoe je zorgt dat mensen zelf die switch maken. Dat ze er zelf ook weer in gaan geloven. Als we mensen door een cluster workshops hebben geleid, als ze een beetje weten wie ze zijn, hoe ze hun cv moeten presenteren, een Linkedin profiel kunnen gebruiken, dan zijn ze rijp zijn om in gesprek te gaan met werkgevers. In Rotterdam komt een groep mensen van de Rotary sollicitatiegesprekken oefenen met mensen tijdens de Live Werkcafe’s. Dat werkt echt geweldig.”

 

 

Spanningsveld

Er lijkt een spanningsveld tussen doelstellingen van Werkcafé en hoe het project gefinancierd wordt? (Gemeenten financieren het Werkcafé)
“De gemeenten hebben geen invloed op de inhoud van de websites. Wij hebben heldere afspraken over wat wij leveren en welke functie we hebben. Voorop staat, mensen helpen om ze krachtiger te maken, mensen bewust te maken van wie ze eigenlijk zijn. Ik vind het heel erg belangrijk dat mensen ook leren wie ze echt zijn en wat hun passie is. Ik denk dat als je aan het werk gaat met je passie, je ook makkelijker werk kan vinden. Daar wordt je enthousiast van en dan straal je dat ook uit. Dan denken mensen ‘goh, die wil ik wel hebben.’

Wij geven informatie en tips en richten ons op persoonlijke verhalen; de successen maar ook de slechte ervaringen en frustraties. Al die verhalen samen geven een heel krachtig beeld van hoe beleid uit kan pakken; positief en negatief. Naar aanleiding van een reeks persoonlijke ervaringen is in Rotterdam, op verzoek van de wethouder, zelfs een voorstel geschreven door de redactie om een onderdeeltje van het beleid te veranderen. Dus dat kan ook! Dat zit niet in de primaire doelstellingen van het Werkcafé maar het is natuurlijk heel leuk en bijzonder als zoiets ontstaat. Werkcafé is een heel ongewoon project. In Rotterdam startte het Werkcafé als eerste en daar zei een van die directeuren : ‘dit is mijn anarchistische project, hier kan ik leren wat de doelgroep bezig houdt’.”

Waar wil je zijn met het Werkcafé over 5 jaar?

Interview Celine“Over 5 jaar hoop ik dat er Werkcafé’s zijn in de 20 grootste gemeente van Nederland. En dan elke 2 weken een Werkcafé Live. Er was laatst iemand die tegen mij zei: ‘ik kom hier elke maand, daar kan ik er een week op teren, dan moet ik weer 3 weken afzien en dan mag ik weer’. Toen dacht ik, misschien moeten we die bijeenkomsten toch vaker organiseren. Ik zou t ook fijn vinden als mensen langs kunnen komen bij de redactie van het Werkcafé. Dat het Werkcafé ook letterlijk een ontmoetingsplaats wordt voor mensen op zoek naar werk. Dat ze met elkaar kunnen praten en elkaar kunnen helpen. Daar moet dan wel een potje voor opengetrokken worden, de Werkcafé Live bijeenkomsten organiseren we nu nog helemaal voor niets.

Werkwinkel

Eigenlijk vind ik dat er in elke wijk in Nederland een soort Werkwinkel zou moeten zijn, waar iedereen die een vraag heeft over werk, of hij nou op zoek is naar werk of van baan wil veranderen, terecht kan. Veel mensen zijn niet gelukkig in hun werk maar durven niet van baan te veranderen. Ze zijn bang om de vastigheid op te geven of zo iets. Dan denk ik, die mensen, die zouden ook de kans moeten krijgen te onderzoeken wat ze wel willen. Maar goed, dat is een secundaire doelgroep. Eerst moeten de mensen die geen werk hebben aan het werk. Daarna kun je je erop gaan richten om iedereen, of in ieder geval meer mensen, te helpen om werk te vinden dat ze echt leuk vinden.”

Auteur: Babette Anhalt, projectleider Werkcafé Utrecht

2 Vind ik leuk
2 Vind ik leuk leden vinden dit artikel leuk
778 keer bekeken

Reageren

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit bericht.